|
|
| |
 |
|
| |
Van A tot Z
|
 |
 |
 |
en alles wat daar tussen ligt
|
 |
 |
 |
Hendrik Wooldrik |
 |
29-05-2006 |
 |
 |
 |
Op 27 april werd in grandcafé Stroom in Rotterdam de O2 avond over Ontwerpers in Transitie gehouden. Een groot aantal en enthousiaste deelnemers, waarvan ongeveer de helft met de watertaxi was gekomen, dachten een avond lang na hoe de ontwerp bij kan dragen aan het tot stand brengen van duurzame transities.
|
 |
 |
| |
Een van de grootste gevaren van oplossingsgericht denken is om direct te beginnen bij de oplossing. Wat in theorie een gewenste short-cut oplevert, zorgt in de praktijk vaak voor een doodlopende straat. Het gevaar dat dreigt, schuilt in de pragmatiek. Een idee kan briljant zijn, om het uitgevoerd te krijgen moet je nu eenmaal diverse partijen mee zien te krijgen. Dit geldt zeker voor bedenkers van duurzame oplossingen. Zij worden doorgaans niet zozeer als vernieuwend maar eerder als vervangend ervaren. Wat vervangend is, heeft de eigenschap iets anders overbodig te maken en voor je het weet heb je naast een mooie oplossing een veel groter probleem, genaamd: verzet.
Een systeem dat ontworpen is om deze valkuil te omzeilen is het Transitiemodel. Tijdens de workshop werd de aanwezigen gevraagd een probleem op te lossen aan de hand van dit model. De eerste boodschap die iedereen meekreeg was dat een probleem op drie niveaus bekeken diende te worden: het macro-, het meso- en het microniveau.
Macroniveau Aan de hand van een voorbeeld laat het zich het gemakkelijkst uitleggen. Snoep bijvoorbeeld is niet alleen slecht voor de gezondheid, maar komt het hele milieu niet ten goede. Het indammen van het gebruik is wat dat betreft dus wenselijk. Maar hoe krijg je de maatschappij zover de lekkernijen te laten staan? Dat brengt ons bij het macroniveau. Welke plaats heeft snoep binnen onze samenleving? Hoe zitten de lekkernijen verweven in de psyche van de mens? Uit de discussie daarover kwam naar voren dat snoep kan worden gezien als een beloning. Maar waarom moet de beloning vol met suiker zitten en allerlei andere ingrediënten die ik niet eens ken? Zijn we soms zo geprogrammeerd? 'Wie goed is, krijgt lekkers', werd verder geassocieerd en dat bracht ons bij een van de schuldigen: Sinterklaas. We groeien dus op met het idee dat een beloning zoet is. En om de hoofdverdachte te ontzien werd de lijn doorgetrokken naar alle feestdagen. 'Lekkers' moet dus worden geladen met een verantwoorde snack in plaats van de pepernoten, nougat en chocolade (voor alle duidelijkheid: dit voorbeeld dient ter illustratie. red.). En aangezien we dan spreken van vervanging, dient het volgende probleem zich aan: verzet.
Mesoniveau Van algemene gedachte naar betrokken partijen, oftewel: van macro- naar mesoniveau. Wie zijn nu gebaat bij de verkoop van zoveel mogelijk snoep? Er werden er een paar besproken. De suikerbietenindustrie bijvoorbeeld. Minder snoep betekent een kleinere afname van suiker. Om het verzet van de suikerbietenindustrie weg te nemen zal er een alternatief geboden moeten worden. Hoe houden we de fabriek toch draaiende op bieten op een manier die minder schadelijk is? En wat te denken van de vereniging van tandartsen. Minder snoep betekent minder gaatjes en dus minder volle tandartspraktijken. De poster met de kreet 'Snoep gezond eet een appel', hebben we vaak bij de tandarts zien hangen. Uit plichtsbesef vermoed ik. Ik weet zeker dat de adviserende rol van de tandarts sterker zou kunnen zijn. Dus hoe laten we het eten van minder snoep in het voordeel van de tandarts werken? Dat brengt ons bij de laatste fase: het microniveau.
Microniveau Tijdens deze fase zullen er oplossingen aangedragen moeten worden die de beoogde transitie teweeg zullen moeten brengen, door middel van de zogenaamde puntinnovaties. Direct toepasbare oplossingen voor alle betrokken partijen. Zo zou een andere toepassing van suikerbietenextract bedacht kunnen worden waardoor de industrie nauwelijks hinder ondervindt van het nieuwe dieet. Of een nieuw zorgsysteem dat mogelijk maakt dat een gedeelte van de no-claim die een klant opbouwt bij de verzekering, terecht komt bij de tandarts. Oftewel: hoe minder er in zijn of haar praktijk geboord wordt, des te meer geld hij of opstrijkt. Haribo maakte Kinder weliswaar froh, een ongeboorde tandenrij maakt de tandarts blij. De adviserende rol zal wel toenemen zo werd ingeschat.
Het is gezien de beroepen van de aanwezigen niet verwonderlijk te zien dat men op het microniveau het meest van zich deed horen. Ontwerpers acteren zelf nu eenmaal op dit niveau. Des te nuttiger was de avond waarin iedereen, onder leiding van ware transitie-experts, gedwongen werd het overzicht te behouden om niet te snel met puntinnovaties te komen die mogelijk niet in dienst zouden staan van betrokken partijen. Al met al een leerzame en actieve kennismaking met het transitiemodel. Wellicht dat we in de toekomst aan de hand van een concrete casus, met dergelijke partijen rond de tafel kunnen gaan zitten.
Foto's
Klik op de foto's om de vergroting te zien.
|
 |
 |
 |
Downloads |
 |
|
 |
 |
 |
Links |
 |
|
 |
|
|
 |
 |
|
|